Geen schadevergoeding wegens parkeren zonder kaartje door snorfietshouder

Een man parkeert zijn snorfiets in een parkeergarage zonder kaartje en zonder te betalen. De parkeergarage eist bij de kantonrechter van de rechtbank Rotterdam daarom een schadevergoeding van ongeveer € 300 van de snorfietshouder. De vordering wordt afgewezen.

De snorfietshouder is de parkeergarage binnengegaan door langs de slagboom te rijden, zonder parkeerkaartje te nemen. Het automatische systeem van de garage herkende hem niet als voertuig en via de intercom werd hij niet verder geholpen, zo stelt hij. Een kwartier later verlaat de man de garage op dezelfde manier. Hij heeft niet betaald voor het parkeren.

Parkeerovereenkomst  

Volgens de parkeergarage is de man hiermee tekortgeschoten in het nakomen van zijn betalingsverplichtingen uit de parkeerovereenkomst met de garage. Een schadevergoeding is daarom op zijn plaats. De rechtbank is het daar niet mee eens. Een parkeerovereenkomst kan volgens de algemene voorwaarden van de parkeergarage alleen worden gesloten met ‘parkeerders’. Hieronder vallen volgens deze voorwaarden alleen personenauto’s en motorfietsen, maar geen snorfietsen. Er kan daarom geen sprake zijn geweest van een parkeerovereenkomst tussen de snorfietshouder en de parkeergarage. De vordering tot schadevergoeding vanwege het niet nakomen van de parkeerovereenkomst wordt dan ook afgewezen.

Onrechtmatige daad

De parkeergarage vindt verder dat sprake is van aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad, die moet leiden tot schadevergoeding. Volgens de garage is sprake van omzetderving; een door de snorfietshouder gebruikte parkeerplaats is ten onrechte bezet gebleven. Ze heeft door het voorval bovendien diverse andere kosten gemaakt. De rechtbank wijst ook dit af. De parkeergarage heeft de schade onvoldoende onderbouwd; het is niet duidelijk dat daadwerkelijk schade is geleden. Van omzetderving is geen sprake, nu niet vast staat dat de snorfietshouder van een parkeerplaats gebruik heeft gemaakt. Geen schadevergoeding voor de parkeergarage dus.

ECLI:NL:RBROT:2024:4141

Bron:Rechtbank Rotterdam | jurisprudentie | ECLI:NL:RBROT:2024:4141 10814125 CV EXPL 23-31712 | 02-05-2024

Similar Posts